Persoonlijke hulpmiddelen

U bent hier: Home

Welkom

Welkom op de website van de Economische en Sociale Raad voor het Brussels Hoofdstedelijk Gewest, de internetsite van de Brusselse sociale partners. __________________________________________________________________________

Eerste verjaardag van de Strategie 2025 voor Brussel

 

Op 21 juni 2016 zijn de Regering en de sociale partners binnen het BESOC en het uitgebreid BESOC bijeengekomen om na één jaar de balans van de Strategie 2025 op te maken.

U vindt hierna het persbericht.

 

 

 

« Eerste verjaardag van de Strategie 2025 voor Brussel :

een globaal positieve evaluatie en aandachtspunten »

De « Strategie 2025 », die door de Brusselse sociale gesprekspartners werd ondertekend op 16 juni 2015, heeft als doel de Brusselse economie te doen heropleven. Hierbij wordt een prospectieve visie over 10 jaar gehanteerd. Een jaar na de ondertekening van dit legislatuurprogramma op economisch en sociaal vlak stellen de sociale gesprekspartners een eerste positieve en bemoedigende balans op. Van de 97 werven, die als prioritair worden beschouwd voor een heropleving van de economie, de werkgelegenheid, de opleiding, het onderzoek en het onderwijs te Brussel, zijn er inmiddels 52 voltooid. Negenendertig werven worden nog uitgevoerd.

Tot het nieuwe concept van de « gedeelde prioriteiten » werd oorspronkelijk de aanzet gegeven door de Economische en Sociale Raad. Dit concept maakt het mogelijk voor de sociale gesprekspartners om zeer « stroomopwaarts » deel te nemen aan de opstelling van de ontwerpen van Brusselse wetteksten.  

Deze methode heeft uitdrukkelijk betrekking op een aantal grote werven waaraan door de Regering en de sociale gesprekspartners wordt « samengewerkt ». De Raad verwelkomt deze nieuwe werkmethode van de « gedeelde prioriteiten » : talrijke positieve voorbeelden laten toe te overwegen om aan dit werkproces een duurzaam karakter te geven.

De economische en sociale dialoog in het Brussels Hoofdstedelijk gewest gaat bijgevolg de goede kant op.

Enkele aandachtspunten

De Economische en Sociale Raad voor het Brussels Hoofdstedelijk Gewest stelt evenwel vast dat er een aantal aandachtspunten zijn :

Inzake doelgroepenbeleid

De Raad vraagt dat de nodige tijd zou worden voorzien voor een ernstig overleg over de maatregelen van de tweede fase « doelgroepen ». Ingevolge een ontoereikend overleg zouden deze maatregelen immers nefaste gevolgen kunnen meebrengen, zowel voor de ondernemingen als voor de werknemers zelf.

Inzake verdediging en promotie van het paritair beheer

De Raad vestigt de aandacht van de Regering op zijn keuze om het agentschap, waarin Atrium, Impulse, en BIE zullen worden samengebracht, op te richten als een naamloze vennootschap van publiek recht met een sociaal oogmerk. De oprichting van een strategisch comité is niet conform met de intenties van de Regering wat betreft het behoud van het principe van het gezamenlijk beheer van de publieke instellingen.  

De Raad vraagt bovendien aan de Regering om zonder uitstel zijn verbintenis na te komen wat betreft de openstelling van de beheersorganen van de Haven van Brussel voor de sociale gesprekspartners. Hij dankt de Minister-president voor zijn tussenkomst waarin deze verbintenis wordt bevestigd.

Inzake mobiliteit

De Raad heeft op 16 februari 2016 een initiatiefadvies uitgebracht over de mobiliteit en de vervoersinfrastructuur. In dit advies herinnerde hij eraan dat de veiligheidsproblemen in de Brusselse tunnels (en meer bepaald de maatregel om een van deze tunnels gedeeltelijk te sluiten) een niet te verwaarlozen impact hebben op de mobiliteit in ons Gewest en bijgevolg op de Brusselse economie.

De Raad herhaalt zijn vraag wat betreft de opname van een hoofdstuk « mobiliteit » in de Strategie 2025, op basis van een « gedeelde prioriteit ».

Inzake fiscaliteit

Zonder een echte gedeelde prioriteit te vormen, heeft de Regering ermee ingestemd dat de Brusselse fiscale hervorming met de analyses en aanbevelingen van de sociale gesprekspartners rekening zou houden. Deze laatsten hebben kennis kunnen nemen van de voorstellen van de Regering en hebben deze kunnen bespreken.  

De Raad betreurt dat er voor deze zitting aan deze opmerkingen en vragen echter geen gevolg werd gegeven.

Initiatiefadvies betreffende de gevolgen van het TTIP en van het CETA voor de sector van de gezondheidszorg

Tussen de Europese Unie en de Verenigde Staten van Amerika en tussen de Europese Unie en Canada zijn onderhandelingen over twee vrijhandelsakkoorden van start gegaan. Het betreft respectievelijk het « Transatlantic Trade and Investment Partnership » (TTIP) en het « Comprehensive Economic and Trade Agreement », beter gekend als CETA. De reikwijdte van deze akkoorden beperkt zich niet tot de handel, maar heeft eveneens gevolgen voor de gezondheidssector in zijn geheel zoals deze is georganiseerd in de verschillende Europese landen, en meer bepaald in België. 

De Economische en Sociale Raad voor het Brussels Hoofdstedelijk Gewest wenst de aandacht te vestigen op drie belangrijke bezorgdheden wat betreft de inhoud van deze twee akkoorden en over de manier waarop het onderhandelingsproces over het TTIP verloopt.  

Wat betreft het onderhandelingsproces, is de Raad van oordeel dat de twee vrijhandelsakkoorden omwille van redenen van transparantie zouden moeten worden voorgelegd aan het Europees parlement, evenals aan de verschillende nationale en regionale assemblees opdat zij er desgevallend zouden kunnen worden besproken en bekrachtigd.

Wat betreft de inhoud van deze akkoorden, wijzen de sociale gesprekspartners erop dat de gezondheidszorg en de sociale dienstverlening diensten van algemeen nut zijn en niet mogen worden beschouwd als gewone verbruiksgoederen. Het TTIP en het CETA mogen in geen geval de toegang van de burgers tot een kwaliteitsvolle gezondheidszorg beperken. De Raad vindt het noodzakelijk dat de definitie van het toepassingsveld van deze akkoorden rekening houdt met het algemeen belang indien men de toegang van elkeen tot de gezondheidszorg wil verzekeren.

Tot slot toont de Raad zich uitermate bezorgd over de mogelijke gevolgen van de internationale arbitrageprocedures die het niveau van de volksgezondheid, de gezondheidszorg en de ziekteverzekering in het gedrang kunnen brengen. Deze maken het immers voor bedrijven mogelijk om rechtstreeks Staten te vervolgen, in de veronderstelling dat een publieke actie hun belangen zou kunnen schaden.

Om kennis te nemen van het volledig advies, klik hier.

De ESRBHG pleit voor een betere toegang tot de arbeidsmarkt voor buitenlanders

De Economische en Sociale Raad heeft op 16 juni 2016 een initiatiefadvies aangenomen over de economische migratie en de tewerkstelling van buitenlandse werknemers in het Brussels Hoofdstedelijk Gewest. In dit advies komen de economische migratie via arbeidsvergunningen van het type B, de detachering van Europese werknemers, evenals de tewerkstelling van vluchtelingen, mensen zonder papieren en van buitenlanders, die naar België komen in het kader van een gezinshereniging, aan bod.

Tijdens de laatste decennia heeft Brussel op zijn grondgebied een grote toevloed gekend van buitenlanders uit Europa en erbuiten. De Brusselse bevolking telt proportioneel driemaal meer buitenlanders dan de twee andere gewesten. Momenteel is er bovendien de aankomst van talrijke kandidaat-vluchtelingen. Het vraagstuk van de tewerkstelling van al deze personen is een van de grote uitdagingen van onze hoofdstad.

De representatieve werkgevers- en werknemersorganisaties zijn van oordeel dat elke persoon met een verblijfsvergunning toegang moet hebben tot de arbeidsmarkt. Hierbij moeten de administratieve formaliteiten tot een minimum worden herleid. Tot op heden maken het verblijfsrecht en het recht om te werken immers het voorwerp uit van verschillende procedures, waarbij deze soms nog op verschillende niveaus moeten worden doorlopen, wat de mogelijkheden tot aanwerving bemoeilijkt, zowel voor de Brusselse werkgevers als voor de buitenlandse werknemers.    

De Raad pleit er daarom voor dat de economische migratie zou worden bevorderd. Dat zou niet enkel moeten gebeuren door de omzetting in Brussels recht van de « enige vergunning » die door de Europese Unie is voorzien, maar tevens door de overgang van de ene werkgever naar de andere te vergemakkelijken voor de buitenlanders die houder zijn van een B-vergunning.  

Studies tonen aan dat kandidaat-vluchtelingen snel hun intrede op de arbeidsmarkt doen, dat zij snel werk vinden nadat zij een definitieve verblijfstitel hebben bekomen. De Raad pleit daarom voor de beperking van de wachttijd van 4 maanden en vraagt dat men de afschaffing van de C-vergunning zou onderzoeken. Het is het document, dat de verblijfstitel verleent, dat tevens toegang tot de arbeidsmarkt zou moeten bieden.    

Wat betreft de detachering van Europese werknemers, roept de Raad ertoe op dat men snel – en op elk beleidsniveau – princiepregels zou nemen, en controles en sancties zou voorzien om de strijd aan te binden met de talrijke misbruiken die in deze materie worden vastgesteld, en meer bepaald in de bouwsector.

De personen, die naar ons land komen in het kader van een gezinshereniging, zijn meestal vrouwen, waarvan meer dan de helft niet tot de arbeidsmarkt toetreedt. De Raad roept op tot een specifiek en actief beleid van de overheid ten aanzien van deze potentiële werkneemsters. Dat zou met name kunnen door een snelle beheersing van de taal, de toegang tot verenigingen en de kennis van de rechten en plichten op het vlak van de gelijkheid van mannen en vrouwen in ons land.  

Ramingen wijzen uit dat Brussel ongeveer 100.000 mensen zonder papieren telt. Men kan gerust spreken van een « twintigste gemeente”. Ondanks de kwetsbaarheid van hun statuut maken deze personen deel uit van het sociaaleconomisch leven van het Gewest. De tewerkstelling van werknemers zonder papieren wordt vaak in verband gebracht met sociale fraude, en dit leidt tot concurrentievervalsing. De Raad pleit daarom voor een denkproces gewijd aan de integratie van deze werknemers zonder papieren in onze rechtstaat.

Om kennis te nemen van het volledig advies, klik hier.

Jaarverslag 2015

 

De Economische en Sociale Raad voor het Brussels Hoofdstedelijk Gewest heeft zopas zijn Jaarverslag 2015 gepubliceerd. 

U kunt het downloaden door op de afbeelding of hier te klikken.

 

 

BESOC om de Brusselse economie nieuw leven in te blazen

Op woensdag 20 april 2016 hebben de sociale partners elkaar in het BESOC ontmoet om de maatregelen te bespreken die op het vlak van Economie, Tewerkstelling, Toerisme en Imago van Brussel ten uitvoer moeten worden gelegd, om zo de economische sectoren te helpen die als gevolg van de op 22 maart gepleegde aanslagen in moeilijkheden zijn geraakt.

 

Tijdschrift van de Raad

 

De Economische en Sociale Raad voor het Brussels Hoofdstedelijk Gewest heeft zopas het negentiende nummer van zijn Tijdschrift gepubliceerd.

Het dossier van deze editie is aan het goederenvervoer gewijd. U kunt het Tijdschrift hier downloaden : April 2016.

 

Initiatiefadvies betreffende de mobiliteit en de vervoerinfrastructuur in het Brussels Hoofdstedelijk Gewest

De veiligheidsproblemen in de Brusselse tunnels (en meer bepaald de gedeeltelijke sluiting van een van de tunnels) hebben een niet te verwaarlozen impact op de mobiliteit in ons gewest en - bijgevolg - op de Brusselse economie.

Ingevolge de recente actualiteit met betrekking tot de mobiliteit in het Brussels Hoofdstedelijk Gewest en de sociaaleconomische impact ervan, heeft de Raad beslist om een initiatiefadvies uit te brengen waarin zijn visie over de mobiliteit te Brussel wordt uiteengezet. Deze mobiliteit moet multimodaal, duurzaam, coherent en overlegd zijn, doordacht, gebudgetteerd, en opgevolgd worden.

De Raad dringt erop aan dat de mobiliteit in Brussel het voorwerp zou uitmaken van een constructief overleg (Gewesten, federale overheid en gemeenten) waarbij ook de sociale gesprekspartners worden betrokken in het kader van de Strategie 2025.

Wij nodigen u uit om hier te klikken om het initiatiefadvies te lezen.

Created and hosted by CIGB