Persoonlijke hulpmiddelen

U bent hier: Home

Welkom

Welkom op de website van de Economische en Sociale Raad voor het Brussels Hoofdstedelijk Gewest, de internetsite van de Brusselse sociale partners. __________________________________________________________________________

Tijdschrift van de Raad

De Economische en Sociale Raad voor het Brussels Hoofdstedelijk Gewest heeft zopas het achtiende nummer van zijn Tijdschrift gepubliceerd. Deze uitgave is volledig aan ons colloquium over de sociale innovatie gewijd. U kunt het hier downloaden :

 

 

Brusselse fiscale hervorming : strategische oriëntaties Voorstellen van de sociale partners

De Economische en Sociale Raad voor het Brussels Hoofdstedelijk Gewest zet op proactieve wijze zijn werkzaamheden voort inzake het analyseren van de bevoegdheden die in het kader van de zesde Staatshervorming werden overgeheveld, en inzake de sociaaleconomische gevolgen ervan op de schaal van het Brussels Hoofdstedelijk Gewest, en meer in het bijzonder inzake deze die met het fiscaal beleid samengaan.

In het kader van zijn werkzaamheden met betrekking tot deze strategische beleidswerf, heeft de Raad zich gewijd aan een zowel globale als geïntegreerde diagnose van alle principebeslissingen die de Regering op basis van de werkzaamheden van de gewestelijke taskforce heeft genomen, en die aldus tot een eerste advies ter zake heeft geleid.

Doorheen een eerste bijdrage hebben de sociale partners een geheel van belangrijke strategische oriëntaties geformuleerd, die de behoeften en uitdagingen van het Brussels Hoofdstedelijk Gewest zouden kunnen beantwoorden en het aldus een nieuwe dynamiek zouden kunnen geven.

Het volledige advies kan op onze website worden geraadpleegd.

Vergadering van de Ministers Vervoort en Gosuin met de sociale partners bij de ESR voor een snelle hervatting van de bedrijvigheid

Op woensdag 25 november heeft de Economische en Sociale Raad voor het Brussels Hoofdstedelijk Gewest Minister-president Rudi Vervoort en de Minister van Economie en Tewerkstelling Didier Gosuin ontvangen, om verslag uit te brengen van de situatie in Brussel en van de maatregelen die werden genomen in de context van de handhaving van een dreigingsniveau 4 in het Brussels Gewest.

Alle sociale partners en Ministers dringen, zonder de grote solidariteit te betwisten waarvan de Hoofdstad sinds maandag getuige is, in het bijzonder aan op de dringende noodzaak dat de federale Regering ertoe zou bijdragen om Brussel van een gepaste ondersteuning te verzekeren, opdat de volledige en normale bedrijvigheid zo vlug mogelijk zou kunnen worden hervat, en dit ondanks het huidige dreigingsniveau.

Tevens hebben ze hun gezamenlijke waakzaamheid willen uitdrukken, evenals hun weigering om de verbintenissen van de Brusselse drijvende krachten bij het verdedigen van een maatschappelijk model dat op de waarden van delen en diversiteit is gebaseerd, te laten aantasten. « De verdeeldheid die terroristen nastreven, mag niet de overhand nemen op onze verbintenis om discriminaties te bestrijden en op ons streven naar een meerwaardenmaatschappij die rijk is aan diversiteit », hebben de sociale partners benadrukt.

Colloquium over de sociale innovatie

Op 16 november 2015 organiseerde de Economische en Sociale Raad voor het Brussels Hoofdstedelijk Gewest een colloquium gewijd aan de sociale innovatie.

Tijdens deze dag hebben sprekers uit de academische, politieke en openbare wereld hun bedenkingen kenbaar gemaakt over de uitdagingen van de sociale innovatie voor Brussel in termen van creativiteit, aantrekkingskracht van ons Gewest, economische ontwikkeling en sociale cohesie.

Heel wat actoren op het terrein hebben van hun kant hun projecten op het vlak van sociale innovatie uiteengezet.

De handelingen van dit colloquium zullen begin 2016 beschikbaar zijn. Dit zal een referentiedocument zijn voor al wie belangstelling voor deze kwesties vertoont.

De uiteenzettingen van Meneer Frank Moulaert en van Mevrouw Stéphanie Van Doosselaere zijn echter nu al hier beschikbaar.

Aanbevelingen voor een doeltreffend doelgroepen-beleid in het Brussels Hoofdstedelijk Gewest

De Economische en Sociale Raad heeft zopas een werkdocument aangenomen met "Aanbevelingen voor een doeltreffende doelgroepenbeleid in het Brussels Hoofdstedelijk Gewest".

Gelieve hier te klikken op het werkdocument te raadplegen.

De sociale partners denken mee over een langetermijnvisie voor Brussels Airport

Brussels Airport is een belangrijke katalysator en motor voor economische activiteiten en voor werkgelegenheid. De luchthaven genereert zowel rechtstreeks als onrechtstreeks investeringen, toegevoegde waarde en vele jobs, zowel op de luchthaven zélf als in de omliggende regio’s. Het recente rapport van de Nationale Bank van België over het economisch belang van de luchthavenactiviteiten toont dit duidelijk aan.

Met het event “Brussels Airport, een sociaaleconomische motor voor de regio’s” willen de sociale partners van de SERV, de Brusselse sociaaleconomische raad (ERSBHG) en RESOC Vlaams-Brabant het maatschappelijk belang van Brussels Airport voor de verschillende regio’s in de verf zetten, maar tegelijk ook wijzen op de gevolgen op vlak van:

  • mobiliteit ;
  • omgeving: de bezorgdheden inzake leefmilieu die voortvloeien uit de uitbreiding van de luchthaven - met inbegrip van deze voor het Brussels Hoofdstedelijk Gewest - moeten worden meegenomen ;
  • de arbeidsmarkt: de tewerkstellingsperspectieven en opleidingsmogelijkheden moeten reëel zijn, ook voor Brusselaars, en moeten deel uitmaken van een dialoog tussen de regio’s om ze te verbeteren. 

Enkele lessen uit het verleden hebben ook geleerd dat de gunstige positie en evolutie van Brussels Airport zoals we die vandaag kennen, niet blijvend zijn ‘verworven’. Denk hierbij onder meer aan het faillissement van SABENA, het DHL-verhaal, de problematiek van de bereikbaarheid, enz.

De sociale partners vinden dat de plannen voor de luchthaven en de luchthavenregio’s moeten gekaderd worden in een brede maatschappelijke visie. Gezien het belang van de groei van luchthavenpool voor de toekomstige welvaartscreatie willen de sociale partners een constructieve rol spelen in de voorbereiding en uitwerking van deze visie.

De sociale partners geven met het event daarom een eerste voorzet en willen een grotere betrokkenheid bij de voorbereiding van een structurele lange termijnvisie voor de luchthaven en de luchthavenregio’s en de  plannen die daartoe  worden uitgewerkt.

Klik hier om de presentaties te ontdekken, die tijdens dit colloquium werden gegeven.

Meer informatie:

  • Cil Cuypers, RESOC, 0486/60.67.56
  • Frank Van Thillo, SERV, 0476/22.36.89
  • Johan Van Lierde, ESRBHG, 0498/27.49.62

      

Toespraak van de heer Philippe Van Muylder, voorzitter van de ESRBHG, tijdens het studiemoment gewijd aan Brussels Airport 22-09-2015

Dames, heren,

In dit stadium van onze werkzaamheden is het niet meer nodig om aan te tonen in welke mate de luchthaven een echte economische motor is voor het Vlaamse gewest, het Brussels gewest en voor het hele nationale grondgebied.

En wel in zo’n mate dat het geen verrassing is dat de sociale gesprekspartners, die de Brusselse bevolking vertegenwoordigen, deel uitmaken van zij die de activiteiten van Brussels Airport steunen, met name omdat zij een duidelijke visie hebben van de mogelijke bijdrage van deze belangrijke economische operator in termen van werkgelegenheid voor de jonge Brusselaars.

Maar we kennen allen de betekenis van het woord “duurzaam”. En we zijn dan ook allen moeiteloos bij machte om alle ingrediënten te bepalen om van Brussels Airport een echt en duurzaam succesverhaal te maken :

1. Het EERSTE INGREDIENT is de verplichting om – behalve met zuiver economische – ook met sociale en milieugebonden indicatoren rekening te houden die inherent zijn aan elke uitdaging op lange termijn.

Dat betekent concreet dat we niet enkel moeten werken aan een verhoging van de toegevoegde waarde van het luchtvervoer en de luchthavenactiviteiten, een stimulering van de rechtstreekse en onrechtstreekse investeringen, een stijging van het aantal passagiers en van het vervoerde cargo-tonnage

maar tevens

  • aan een verbetering van de kwaliteit van de aangeboden jobs
  • en een aanzienlijke beperking van de hinder, van de ongemakken die een luchthaven met een impact op dichtbevolkte gebieden creëert.

2. TWEEDE INGREDIENT : het rekening houden met het geheel van de voorwaarden voor een duurzaam succes moet gepaard gaan met vlotte en evenwichtige relaties (men zou kunnen spreken van win-winrelaties) tussen het Vlaamse gewest en het Brussels Hoofdstedelijk Gewest.

Dat brengt concreet mee dat ACTIRIS, de Brusselse operator inzake werkgelegenheid, zopas het team heeft vervoegd dat belast is met de overeenstemming tussen de jobaanbiedingen van de luchthaven en het profiel van de Brusselse werkzoekenden; ondernemingen moeten natuurlijk wel de uitdaging willen aangaan om zich tot deze dienst te richten, en vanuit een algemeen oogpunt, hun vertrouwen willen geven aan de jonge Brusselaars die in deze zone aan het werk willen gaan, of ze nu wel of niet laaggeschoold zijn. In dit opzicht stellen zich twee problemen :

  • het streefcijfer van 1.500 duurzame arbeidsplaatsen, die jaarlijks aan ACTIRIS moeten worden overgemaakt, wordt vandaag absoluut niet gehaald !
  • daarbij komt dat ACTIRIS moet kunnen rekenen op een bredere toegang tot de ondernemingen van de zone.

Voor beide problemen dient een oplossing te worden aangereikt in het actieplan 2016.

Het Brussels Airport House biedt een zeer brede waaier van diensten en informatie aan over werkmogelijkheden, terwijl de Airport Academy opleidingen aanbiedt voor werknemers en werkzoekenden; deze opleidingen hebben zowel betrekking op luchthavenberoepen als op beroepen i.v.m. daarmee samenhangende activiteiten.

Ik denk eveneens, mevrouwen, mijne heren, dat de organisatie van dit studiemoment bevestigt dat “niet iedereen in dit land ervan overtuigd is dat de reikwijdte van een gewest vanuit het oogpunt van wat niet zuiver cultureel is (op strikte wijze) moet overeenstemmen met het (grondgebied) van de taalregio’s”.      

In werkelijkheid, als men er goed over nadenkt, heeft de Zesde Staatshervorming Brussels Airport de facto voorzien van een formidabel beleidsinstrument inzake duurzame ontwikkeling : de metropolitane gemeenschap van Brussel ! :

de wet van 19 juli 2012 heeft enkel bevestigd dat een nauwe samenwerking tussen Brussel en zijn ‘hinterland’ essentieel is en ten goede komt aan de drie gewesten, op het vlak van tewerkstelling, economie, ruimtelijke ordening, mobiliteit, openbare werken, of nog, leefmilieu : stuk voor stuk materies waarvoor men de specifieke uitdagingen van de luchthaven bevat.

Ik denk tenslotte dat alle overheden aan beide zijden van de taalgrens belang hebben bij een evenwichtige communicatie over Brussels Airport, dit wil zeggen dat men zowel de positieve aspecten (op sociaaleconomisch vlak) als het reëel bestaan van “lasten” onderstreept voor de economie, personen en het leefmilieu, waaraan ze toevoegen wat ze ondernemen om deze lasten… zo licht mogelijk te maken.     

3. DERDE INGREDIENT : de enorme inspanningen die nog moeten worden gedaan inzake mobiliteit

Brussels Airport zorgt voor enorm veel wegverkeer, waarvan de druk enkel toeneemt. Vooruitzichten tonen aan dat deze tendens zich tijdens de komende jaren verder zal doorzetten.

Welnu, een goede multimodale bereikbaarheid voor de reizigers, werknemers en goederen vormt een van de belangrijkste voorwaarden tot welslagen van de ontwikkeling van de luchthaven als nationale en internationale hub.

Tijdens de laatste jaren zijn de eerste inspanningen verricht om deze bereikbaarheid te verbeteren. Zo was er de verwezenlijking van het project Diabolo, de wegontsluiting in het noorden, de uitbreiding van het autobusaanbod van De Lijn naar de luchthavenzone, met 13 nieuwe lijnen en een nachtbus, de werken in het kader van het GEN, de Airport Line van de MIVB, enz.

Het merendeel van de werknemers en passagiers blijft zich evenwel met de auto naar de luchthaven begeven, en tijdens de spitsuren is het wegennet dan ook overbelast.

a. Vlaanderen en Brussel moeten bijgevolg waken over een optimale coördinatie van hun respectievelijk mobiliteitsbeleid voor de luchthavenzone, met de reizigers en werknemers als belangrijkste doelgroepen.

b. We vinden het daarom belangrijk dat binnen het kader van deze afstemming, gestreefd wordt naar het verbeteren van de multimodale bereikbaarheid. Dat wil zeggen dat niet alléén werk moet worden gemaakt van de “missing links” in het wegennet, maar dat ook nog méér ingezet moet worden op een goede bereikbaarheid van de luchthaven, via de alternatieve modi.

c. We vinden het ook belangrijk dat bijzondere aandacht wordt besteed aan de problematiek van de multimodale bereikbaarheid van de luchthaven voor werknemers, buiten de gangbare diensturen (waaronder ’s nachts).

d. Ten laatste, moet Brussels Airport als economische poort volwaardig opgenomen worden in de toekomstplannen (mobiliteitsplannen, beleidsplannen m.b.t. ruimte, …) van de Regio’s  en dat daaraan acties worden gekoppeld om deze poort vlot en multimodaal bereikbaar te houden, en dit op basis van een robuust, coöperatief en transparant beleidsproces.

4. Tot slot is een VIERDE INGREDIENT inzake leefmilieu, waar tenminste drie pistes moeten worden gevolgd :

1. Vlaanderen werkt momenteel aan een nieuw “Beleidsplan Ruimte”. Het Brussels gewest heeft van zijn kant het Gewestelijk Plan voor Duurzame Ontwikkeling (GPDO) opgesteld. Welnu, in beide actieplannen moet de rol van Brussels Airport als duurzame economische toegangspoort worden opgenomen.

2. Het is bovendien belangrijk voor de luchthaven (maar eveneens voor de inwoners van beide gewesten) dat de overheid op objectieve wijze de organisatie van de vliegroutes en de eraan verbonden voorwaarden verduidelijkt. Het evenwicht tussen de gewesten en de economische en sociale belangen (met name de kwaliteit van de leefomgeving, de gezondheid en de bevolkingsdichtheid) vormen op dit vlak vanzelfsprekend belangrijke aandachtspunten.

In dit verband valt de mislukking te betreuren van de vergadering van het overlegcomité van 16 september. Dit heeft de Brusselse minister voor leefmilieu ertoe aangezet om, met instemming van de hele Brusselse regering, de heffing na te streven van nieuwe dwangsommen, in afwachting van een reëel overleg over drie doelstellingen :

  • de invoering van een structurele en globale oplossing voor de vliegroutes, waarbij de meest bevolkte zones worden vermeden;
  • de oprichting van een onafhankelijk controleorgaan dat moet waken over de naleving van de vastgestelde vliegroutes;
  • en de verlenging van de nachturen (van 22 tot 7 uur i.p.v. 23 tot 6 uur).

3. Tenslotte moet ook de opstelling van programma’s voor de isolatie van gebouwen een prioriteit vormen aan beide zijden van de taalgrens.  

Hernieuwing van de instanties van de ESRBHG

Tijdens de plenaire zitting van 17 september 2015 is overgegaan tot de hernieuwing van de instanties van de Economische en Sociale Raad voor het Brussels Hoofdstedelijk Gewest.

De plenaire vergadering bestaat uit 30 effectieve en 30 plaatsvervangende leden, en wordt samengesteld op basis van een proportionele vertegenwoordiging van de organisaties van werkgevers en werknemers. Deze verhouding is voorzien in de ordonnantie van 8 september 1994 tot oprichting van de ESRBHG:

  • 15 leden worden voorgedragen door de representatieve organisaties van werkgevers, de middenstand en de social-profitsector van het Brussels Hoofdstedelijk Gewest;
  • 15 leden worden voorgedragen door de representatieve werknemersorganisaties van het Brussels Hoofdstedelijk Gewest.

De leden van de Raad worden voor vier jaar benoemd door de Brusselse regering. Dat gebeurt op dubbele lijsten van kandidaten voorgedragen door voornoemde organisaties. De Voorzitter en Vicevoorzitter worden verkozen voor twee jaar, respectievelijk en om beurt onder de leden die de werkgeversorganisaties vertegenwoordigen, enerzijds, en onder de vertegenwoordigers van de organisaties van werknemers, anderzijds. Zij behoren tot een verschillende taalrol.

De nieuwe Voorzitter en Vicevoorzitter zijn respectievelijk de heer Philippe VAN MUYLDER (ABVV) en de heer Jan De BRABANTER (BECI-VOB).

De leden van het Bureau zijn: de heren Philippe VAN MUYLDER (ABVV), Jan DE BRABANTER (BECI-VOB), Anton VAN ASSCHE (UNIZO), Paul PALSTERMAN (ACV), Emmanuel DEROUBAIX (BCSPO) en Philippe VANDENABEELE (ACLVB).

Klik hier om de foto’s van dit evenement te ontdekken.

Philippe Van Muylder is de nieuwe Voorzitter van de ESRBHG

Op dinsdag 16 juni heeft de Economische en Sociale Raad voor het Brussels Hoofdstedelijk Gewest tijdens zijn Plenaire zitting zijn nieuwe Voorzitter aangeduid. Het betreft de heer Philippe Van Muylder (ABVV Brussel) die de heer Olivier Willocx opvolgt op basis van het geldende beginsel van de alternering.

Als Secretaris-generaal van het ABVV - Brussel, is de heer Philippe Van Muylder sedert 1999 lid van de ESRBHG. Sedert 2004 maakt hij eveneens deel uit van de Raad van bestuur. Hij was reeds Voorzitter van de Raad in 2006. De heer Van Muylder is tevens lid van het Beheerscomité van ACTIRIS en Bruxelles Formation, evenals van andere Brusselse instellingen (Impulse, Citydev...).

Klik hier om de foto’s van dit evenement te ontdekken.

Uiteenzetting en ondertekening van de Strategie 2025

Op 16 juni 2015 hebben de Brusselse sociale partners de « Strategie 2025 » ondertekend. Dit beleidsprogramma op het economisch en sociaal vlak moet de Brusselse economie een nieuwe dynamiek geven, met een toekomstvisie over 10 jaar.

De Strategie is gestructureerd rond twee assen :

 

  • een as met de werkterreinen die op het gewestelijk niveau worden gevoerd ;
  • een as met de werkterreinen die in samenwerking met de deelstaten worden gevoerd.

De « Strategie 2025 » stoelt een deel van haar doelstellingen en engagementen op de gedeelde vaststellingen van de New Deal van 2011, evenals op de evaluatie van diens governance die de Brusselse Regering en sociale partners op gedeelde wijze ten uitvoer hebben gelegd.

Beide assen bevatten samen 18 belangrijke engagementen, die voor de materies met betrekking tot werkgelegenheid, economie, onderzoek, opleiding en onderwijs in werkterreinen zijn opgesplitst. Elk engagement wordt gedragen door een Minister. Het volledige proces wordt door de kabinetten van de Ministers Vervoort en Gosuin bestuurd.

Deze 18 doelstellingen moeten :

  • van Brussel de Belgische en Europese hoofdstad van de ondernemingsgeest en innovatie maken ;
  • de paradox van de Brusselse economie omkeren en de levenskwaliteit van de Brusselaars verbeteren, in de eerste plaats door een grotere deelname aan de arbeidsmarkt.

De Strategie 2025 heeft als opzet de Brusselse economie nieuw leven in te blazen vanuit drie tijdsaspecten : tegen het jaar 2025 om mee te gaan met een ambitieus toekomstbeeld dat verder gaat dan enkel het einde van de legislatuur, op schaal van de legislatuur, en jaarlijks teneinde de prioriteiten vast te stellen en een regelmatige opvolging van de tenuitvoerlegging van de Strategie te verzekeren.

De instelling ervan voor Brussel zal van een aantal voorwaarden tot welslagen afhangen. Deze strategie zal gedurende het volledige proces in samenwerking met de sociale partners van de Economische en Sociale Raad voor het Brussels Hoofdstedelijk Gewest doorheen de Buitengewone Sociale top, in het BESOC en in het uitgebreide BESOC worden geïmplementeerd.

Jaarverslag 2014

 

De Economische en Sociale Raad voor het Brussels Hoofdstedelijk Gewest heeft zopas zijn Jaarverslag 2014 gepubliceerd.

U kunt het downloaden door op de afbeelding of hier te klikken.

 

 

 

 

Created and hosted by CIGB